Jacobus
werd
geboren in Utrecht en gedoopt in de kerk aan de Heerestraat. Tijdens de
volkstelling van 1824 blijkt hij te wonen bij het gezin van zijn broer
Martinus (Utrecht, wijk M, nr. 573). Zowel hij als zijn broer zijn dan
daggelders. In het bevolkingsregister staat later bijgeschreven dat hij
vertrokken is naar Harmelen.
Hij
trouwde in 1827 te Harmelen met Maria de
Blanken. Hij was toen schipper wonende te Harmelen, zij was naaister, geboren
in woerden en wonende in Harmelen. Kennelijk is hij reeds voor zijn huwelijk
uit Utrecht vertrokken.
Het
paar krijgt in Harmelen 9 kinderen, die op één na allen voor hun vierde
verjaardag sterven.
De
uitzondering was Ruth Martinus,
die in 1829 is geboren.
Tussen
1841 en 1844 vertrekt het gezin uit Harmelen. In 1844 wordt te Barwoutswaarden
nog een zoon, Hendrik ,
geboren.
Jacobus,
die later arbeider en dagloner wordt genoemd, moet voor 1861 zijn overleden.
Zijn
weduwe, Maria, woont in 1861 in Bodegraven.
Jacobus
is kennelijk aan de door Napoleon ingevoerde algemene dienstplicht (de
conscriptie) ontkomen.
Tussen
1810 en 1813 zijn 30.000 Noord-Nederlandse jongens in Franse
krijgsdienst getreden; de meerderheid van hen is gesneuveld.
Aan de beroemde tocht naar Rusland namen 15.000 noord-Nederlanders
deel (op een totaal van 600.000). Slechts 2 à 3% van hen keerden
behouden terug.
|
|